DEEL 3: DE NOORDHOLLANDSE TAK

2. De tweede generatie van de Noordhollandse tak

De tweede generatie omvat de beschrijving van de gegevens omtrent de drie zonen van Thomas Joha en Johanna Bruijn.

1. Anne Antonius

Anne Antonius, geb. Alkmaar 26.11.1836, ov. Dordrecht 19.2. 1906, heeft de zeevaartschool in Amsterdam doorlopen om voor stuurman te worden opgeleid. Hij is daarna naar zee gegaan en op de duur kapitein bij de grote vaart geworden. Veel heeft hij gevaren in de wateren tussen China en het vroegere Ned. Oost-Indië. Zijn jongste broer, die eveneens voer, feliciteert Anne met zijn bevordering tot kapitein en beklaagt zich zelf over zijn slechte situatie. Hij verdient zo weinig dat hij overweegt naar Nederland terug te keren, als het tij niet snel keert.

Een van de laatst reizen die Anne heeft gemaakt, had tot doel een schip met lading te verkopen. Het ging daarbij om het barkschip Emilie, dat in Rotterdam bij de firma De Jong, Kortland en Anthonie was gebouwd en op 9.11.1847 daar te water was gelaten. Het schip behoorde toe aan de rederij E. Serruys te Rotterdam. Kapitein Joha voer als laatste met dit schip, dat in Cardiff met steenkool was geladen, naar Japan, waar hij schip met lading in opdracht van de eigenaars heeft verkocht. Als passagier keerde hij naar ons land terug. Van dat schip hing in de woning van Anne Joha een schilderij.

Anne Antonius trouwt Dordrecht 30.9.1868 Adriana Hendrika van Twist, geb. ald. 30.3.1845, ov. ald. 17.2.1923, dr. van Willem en Adriana van der Giessen.

Willem van Twist, ged. 's-Gravendeel 24.8.1797, ov. Dordrecht 11.12.1878, was de zoon van Pieter en Cornelia Nadrom, beiden uit 's- Gravendeel. Willem was eerst loods en later stalhouder in Dordrecht. Hij trouwde (1) Adriana de Kreek te 's-Gravendeel 22.4.1818, dr. van Arij Joost en na haar overlijden, (2) 's-Gravendeel ?.10.1826 Adriana Hendrika van der Giessen, ged. 's-Gravendeel 13.2.1805, ov. Dordrecht 2.12.1871, dr. van Jan en Lena Stam uit 's-Gravendeel.

Uit het huwelijk van Willem van Twist en Adriana van der Giessen zijn zeven kinderen geboren:

  1. Cornelis, geb. 's-Gravendeel 30.1.1828, ov. Dordrecht 23.3.1867.
  2. Jan, geb. 's-Gravendeel ?.11.1830, ov. ald. ?.4.1831.
  3. Willemina Adriana, geb. Dordrecht 22.3.1833.
  4. Helena Johanna, geb. Dordrecht 8.2.1836, ov. ald. ?.2.1897.
  5. Willem, geb. Dordrecht 6.8.1839.
  6. Hendrika Cornelia, geb./ov. Dordrecht 3./23.11.1842.
  7. Adriana Hendrika, geb. Dordrecht 30.3.1845, ov. ald. 17.2.1923.
Willem, de vijfde van de kinderen, erft de stalhouderij van zijn vader. Zijn twee zonen Willem en Izašk zetten met hun zonen het bedrijf voort en voegen een autogaragebedrijf aan de onderneming toe.

De reis naar Japan is wel de laatste die Anne na zijn huwelijk heeft gemaakt, want zijn vrouw wil graag in Dordrecht blijven wonen. Anne tracht nu aan de wal een betrekking te krijgen, maar die is erg moeilijk te vinden. Eerst na drie jaren slaagt hij er in een baan te bemachtigen en komt hij in dienst van de staatsspoorwegen, die in Dordrecht een spoorbrug laten bouwen als een onderdeel van de verbinding Rotterdam naar het Zuiden. Anne krijgt de functie van verbindingspersoon tussen de Engelse firma die de brug moet aanleggen en de staatsspoorwegen. Nadat de brug is gereedgekomen, blijft Anne Joha in dienst van de spoorwegen als hoofdbruggewachter in Dordrecht en dat duurt tot omstreeks 1901. Het gezin Joha woont in die tijd in een dienstwoning bij de brug aan de Oude Maas, welk huis tussen 10 en 14 mei 1940 door oorlogshandelingen is afgebrand.

De navolgende kinderen zijn uit het huwelijk van Anne Antonius Joha en Adriana Hendrika van Twist voortgesproten:

  1. Johanna Fredrika Elisabeth, geb. Dordrecht 14.12.1870, ov. 's- Gravenhage 12.10.1952, tr. Dordrecht 23.7.1896 Arie Kip, geb. Dordrecht 20.8.1865, ov. 's-Gravenhage 17.3.1952. Wonen eerst in Zwijndrecht, dan in Dordrecht en vanaf eind november 1907 in 's-Gravenhage. Dit echtpaar krijgt 5 kinderen. Arie Kip was administrateur[1].
  2. Willem, geb. Dordrecht 5.1.1873, ov. ald. 25.12.1970.
  3. Thomas Jouke, geb. Dordrecht 14.1.1874, ov. Maastricht 19.10.1959.
  4. Adriaan, geb. Dordrecht 5.12.1877, ov. Soerabaya 18.2.1918.
  5. Cornelis Rembrand Hendrik, geb. Dordrecht 6.4.1880, ov. Hengelo 20.9.1958.
  6. Anne Antonius, geb. Dordrecht 9.1.1883, ov. 's-Gravenhage 2.6.1959.

2. Jouke Joha

Jouke, geb. Alkmaar 19.2.1839, ov. Weltevreden 23.11.1884, de tweede zoon van Thomas Joha en Johanna Bruijn, gaat in militaire dienst en wordt officier bij de infanterie. Hij is lange tijd kapitein geweest en krijgt zijn bevordering tot majoor vlak voor zijn vertrek naar Oost- Indië. Militairen mochten slechts trouwen met toestemming van hun commandant en Jouke heeft dat consent eerst in 1883 gekregen. Kort voor het vertrek naar Batavia trouwt hij 's-Gravenhage 10.10.1883 Geertrudis Engelina Martina Maria Vorderman, geb. 's-Gravenhage 17.4.1846, ov. Amsterdam 14.9.1900, dr. van Johannes, kunstdraaier, en Cornelia Martina le Large, gehuwd te 's-Gravenhage, 1.10.1845[2]. Geertrudis kwam uit een r.k. familie, zodat deze tak katholiek is geworden. Jouke en Geertrudis hebben sedert 1871 een aantal kinderen gekregen, die bij het huwelijk zijn geëcht.

In Indië aangekomen gaat het gezin in Weltevreden wonen, dicht bij Batavia. Op 23 november 1884 trekt Jouke met zijn manschappen er op uit te paard, overlijdt onderweg een uur later aan een zonnesteek en wordt dezelfde dag in Weltevreden ter aarde besteld. Na de dood van haar man keert Geertrudis met haar kinderen in zeer moeilijke omstandigheden naar Nederland terug, woont korte tijd in Delft, daarna even in Den Haag (Voorhout) en dan lang in Leiden, waar zij studenten op kamers houdt. Bij haar overlijden in 1900 te Amsterdam gaat haar dochter Gertruda naar een kostschool in Steenwijkerwold.

Kinderen van Jouke en Geertrudis zijn:

  1. Johannes Jacobus, geb. Leiden 5.2.1871, ov. Amsterdam 4.8.1936, toneelspeler, tr. Londen 1.2.1913 Elisabeth Alexandrow, balletdanseres, geb. Kiew 5.9.1888, ov. Amsterdam 10.12.1956. Geen kinderen.
  2. Johanna Geertruida, geb. 's-Gravenhage 4.8.1876, ov. ald. 6.8.1876.
  3. Johanna Geertruida, geb. 's-Gravenhage 7.1.1878, ov. ald. 27.9.1878.
  1. Jouke, geb. Delft 9.10.1880, ov. Magelang 21.4.1928.
  2. Gertruda Maria Cornelia, geb. Delft 18.1.1883, ov. Den Bosch ?.4.1967, tr. Amsterdam 19.5.1909 (met de handschoen) Johannes Jacobus van der Jagt, geb. Amsterdam 12.7.1883, ten tijde van het huwelijk marinier te Lho Soekon (Atjeh), ov. Venray 1937.
  3. Thomas Albertus, geb. Batavia 4.9.1884, ov. Amsterdam 2.1.1964, tr. Amsterdam 5.6.1913 Antje Woud, geb. N. Amstel 24.10.1880, ov. Amsterdam 6.8.1949. Thomas was twee maal schermkampioen van Nederland en werd schermmeester aan de K.M.A. in Breda. Na de oorlog, om politieke redenen ontslagen, woonde hij korte tijd in Groningen, daarna in Amsterdam, waar hij, zowel als zijn vrouw, zijn overleden. Een dochter (Truus) woont in Spanje.

3. Cornelis Rembrand Hendrik Joha

Cornelis Rembrand Hendrik, geb. Noord-Scharwoude 17.8.1841, ov. China, de jongste zoon van Thomas Joha en Johanna Bruijn gaat evenals zijn oudste broer naar de zeevaartschool te Amsterdam, waarna hij stuurman en later ook kapitein op de grote vaart is geworden. Zijn werkterrein heeft zich in hoofdzaak in Zuid-Oost-Azië uitgestrekt. Overigens is ons alleen bekend dat hij in China is overleden, plaats, tijd en omstandigheden tot nu toe niet gevonden.

Noten
[1]  G.A. 's-Gravenhage.
[2]  G.A. 's-Gravenhage.